TEAMS & STYLE:

Teams:
In de Europese landen is het gebruikelijk dat een team van drie ruiters één keer start, met een of twee runs, met eventuele finale. Om dan toch wat meer kans te hebben, schrijven ruiters zich in middels meerdere teams. Een wissel van ruiter of slechts van paard, maakt al een ander team. Soms zit er een limiet op (zo mag bv op de WK in Frankrijk 2006 elke ruiter maximaal 4 keer starten, ongeacht het paard/de paarden waar hij/zij op rijdt.) 4 ruiters op hun eigen paard, kunnen drie verschillende teams maken, 5 ruiters al veel meer. Wissel daarbij ook nog van paard en de mogelijkheden zijn legio. Vaak heeft een groep ruiters meerdere mensen (bv van een stal of manege, vriendeclub, etc) en de teams krijgen allemaal dezelfde naam met een nummer. Als de namen van de ruiters er niet bij staan (wat nogal eens gebreurd in de media) heb je geen flauw idee welke ruiters gereden hebben.

In Canada en Amerika is het gebruikelijk dat één team bestaat uit drie personen, die op elke wedstrijd uit dezelfde drie personen bestaat. Het team heeft een vast systeem en is goed op elkaar ingewerkt. Om toch meerdere keren te kunnen starten, kan een team opgeven hoeveel runs het wil rijden (minimaal 2 en maximaal 7 runs per wedstrijd) De beste tijd per team telt (dus niet per run, anders zou één team alle plaatsten kunnen opeisen.

 

Style:
Cattlepenning is net als Teampenning, Barrelrace en Pole Bending een speed-event. Dat wil zeggen dat de snelheid de eerste prioriteit heeft en de stijl niet beoordeeld wordt. Helaas ontaard dat vaak in een ongecontroleerde rijstijl, waarbij tie downs en noseband aan de orde van de dag zijn. Tweehandig een bit besturen mag op sommige wedstrijden ook en er wordt nogal veel gerukt en gesnukt.

De Italianen houden er zo'n rijstijl op na: Snel, chaotisch, slordig maar wél vaak met goede resultaten. Veel omtrekken, opengesperde bekkies, etc.Je ziet het veelvuldig voorbij komen. De paarden zijn veelal felle wendbare cuttingpaardjes, misschien dat ze daarom zoveel handgebruik hebben?

In het heetst van de strijd ga je natuurlijk niet letten op netjes rijden, maar als je je paard goed leert meedenken met de koe, hem wendbaar en flexibel traint, neckreining toepast, dan kan het best nog mee gaan vallen.


De Fransen houden er een hele aparte rijstijl op na, die voor iedereen aan te raden is, het resultaat is verbluffend: Één hand los (of aan de knop) en terwijl men in galop achter de koe rijdt, zwaait de teugelhand snel van links naar rechts en v.v. Hierdoor gaat het paard in een rare zigzag lopen. De koe ziet uit zijn ooghoeken zowel links als rechts van hem het paard en denkt er niet meer aan om af te slaan of om te draaien.

Deze jongeman (jeugd Europees Kampioen 2005 Cattlepenning) werkt op het bedrijf van zijn vader, daar drijft hij dagelijks honderden koeien bijeen voor naar de slacht. Een echte cowboy dus. Met zijn familie is hij tevens een gevaarlijk team, ze winnen veel...

Ondanks de snelheid en de adrenaline, zou het toch goed zijn om het paard aan te leren op de benen en nekreining-teugelhulpen te reageren. Laat hem thuis diep lopen en kweek rug en nekspieren. Een lichte aanraking van de buitenteugel moet genoeg zijn om het paard vlot en op eigen benen te laten wenden. Leer je paard de befaamd "Stop 'n Turn" aan: Stop het paard op de achterhand -zoveel mogelijk vanuit de zit en niet door middel van de handen, gelijk een sliding stop, laat hem een pasje achterwaarts gaan, waardoor hij de achterbenen goed diep onderzet, ga met de teugels en je bovenlichaam naar de richting waar je heen wil en draai het paard als het ware mee met (losse) teugel en been. Leer het paard te focussen op de koe en het zal zelf al mee gaan draaien als de koe dat doet. Het paard kan reflexmatig zeer snel reageren, vaak sneller als een mens! Schakel daarom zoveel mogelijk het hulpen systeem uit en train het paard datz elf te doen. Het is niet voor niks dat cuttingpaarden zo hoog scoren in deze sport. Die zijn op de achterhand getraind en hebben geleerd zelf mee te denken.

BACK 2:
BACK 2:
NEXT