DE BASIS:

Oefenen kun je alleen met koeien zelf. Natuurlijk kun je de techniek trainen, je paard soepel en wenbaar maken, snel stoppen, draaien, goed leren gehoorzamen, etc. Maar het echte werk, waarbij het paard leert "koelezen", leert ie alleen door met levend vee te werken. Er zijn verschillende locaties in Nederland en vlak over de grens in België waar je lessen of clinics met live stock (levend vee) kunt volgen.
(zie training)

 

Onderstaande basisoefeningen komen uit de praktijklessen van Tom Calie en Ernst Claassen, op de Lone Star Stables, Arendonk.

Basisoefeningen: koeien leren kennen, voor groene paarden of onervaren ruiters. Of gewoon als beetje bijscholing!

Algemene aanwijzigingen:
* Hou het paard parallel aan de koe, als de schouder van de koe draait, draai dan gelijk mee.
* Kijk voortdurend naar de schouder, heup en staart.
* Volg de koe van achteren. Als je er maar iets voorbij rijdt, draait de koe weg. Wil je de koe dus sturen, dan kun je kiezen of je links of rechts de koe inhaalt, waardoor je de koe van richting kunt laten veranderen.
* Dichterbij de koe komen, stimuleert versnelling, afstand houden zorgt voor vertraging. Je kunt er voorwaarts naar toe rijden, maar ook zijwaarts of een schijnbeweging maken. Hiermee bepaal je de snelheid waarmee de koe loopt.
* Als de koe ontsnapt, ben je met erachter aanrijden altijd te laat! Draai liever 180 graden om de achterhand en snij een stuk af. Hierdoor ben je sneller en kun je de koe tegen de wand afblokken.
* Snel draaien, bv in de stop-‘n-turn of cutting, eerst enkele passen achterwaarts, dan 180 graden draaien.
* Kudde zij of achterlangs benaderen, kudde als het ware openen en de juiste koe gewoon meenemen. Beter als er voor in en alle koeien alle kanten op drijven of weg laten lopen.
* Paard op de koe laten focussen.


Oefening 1:
- achter de kudde om rijden zonder onrust te veroorzaken.
- voor de kudde in, kudde in tweeën splitsen.
- enkele keren herhalen tot er rust en vertrouwen is van kudde in het paard maar ook van paard in de kudde

 

Oefening 2:
- een koe proberen van de kudde af te drijven.
- als de koe terug richting kudde loopt, paard halt laten houden en achterwaarts laten gaan.

 

Oefening 3:
- een koe van de kudde drijven en een rondje laten lopen om de ruiters heen die op de middellijn staan opgesteld.
- als de koe terug richting kudde loopt, paard halt laten houden en achterwaarts laten gaan.
- enkele keren herhalen tot je meer grip krijgt op de richting waarop de koe loopt. Het sturen gaat steeds soepeler en strakker.
- spelen ermee.



Oefening 4:
- een koe splitsen en naar de andere kant van de bak drijven.
- op de korte zijde de koe daar zien te houden en eventueel wat op en neer te laten lopen (boxen).
- de koe uitnodigen om terug naar de kudde te lopen, door afstand te houden, en weer terug drijven door dichterbij te komen.
- leren zien hoe de koe manipuleerbaar is dmv rechtstreekse en zijdelingse bewegingen van het paard.
- eventueel koe op de lange zijde op en neer drijven (fencen).
- koe terug naar de kudde laten lopen of drijven en als ie de goede richting inloopt, paard halt en achterwaarts, koe laten gaan.



Oefening 5:
- als opdracht 4 beginnen:
- koe meer uitlokken te onsnappen en een eindje laten gaan.
- koe niet achterna rennen, maar door 180 graden op de achterhand te draaien eerder bij de omheining aan te komen als de koe, koe “blokken”. Hierbij paard steeds met hoofd richting koe houden.
- herhalen tot je voelt dat je steeds meer controle krijgt, je op tijd bent om te blokken, je paard vertrouwen heeft en onspannen blijft.
* Het paard niet achter de koe aan jagen, maar wat uitlokken om er zelf achteraan te gaan. Een onspannen paard leert “cowsence”. Sommige paarden hebben hier aangeboren aanleg voor, anderen leren het door training. Cowsence kan het beste omschreven worden als het vermogen van het paard sneller de koe te kunnen “lezen” en daardoor impulsief te kunnen manoeuvreren. Het paard neemt hierbij het initiatief over van de ruiter. Vooral bij cutting is dit heel duidelijk...


Oefening 6:
- cutting als oefening om het paard te stoppen en te draaien op de bewegingen van de koe.
- als de koe draait, eerst halt houden, achterwaarts, dan draaien, zodat ie goed op de achterhand draait (stop’n turn).
- paard laten focussen op de koe.

 

Oefening 7:
- working cowhorse als oefening: De koe langs de wand drijven en zo nu en dan afblokken en laten draaien.
- vooral hierbij in de hoeken achter de koe, dichter langs de wand blijven, om het de hoek door te laten lopen.
- blokken door niet achter de koe aan te racen, want dan gaat ie harder lopen en haal je hem niet meer in, maar door als het ware een gebroken lijn te rijden, waardoor de koe vaart verminderd. Hierdoor haal je de druk van de koe af en krijg je de gelegenheid vóór de koe te komen en deze af te blokken.


Oefening 8:
- working cowhorse als oefening: De koe in cirkels laten lopen, liefst zo klein mogelijk, schouder aan schouder koe laten spinnen is het optimale.
- rondjes achter de koe rijden heeft geen zin, schouder aan schouder blijven, als je de koe verliest, rechtuit rijden, hoek naar binnen rijden en blokken, waardoor je de koe als het ware afsnijdt en de cirkel verkleind.
- komt er op neer dat je het beste "vierkant" om de koe heen rijdt, om de koe steeds binnen je lijn te krijgen.


Oefenen, oefenen, oefenen…

BACK 2:
BACK 2:
NEXT